Wat maakt het ook uit

Voorzichtig vraag ik naar je verjaardag. ‘Ja’, zeg je. ‘Ik was 3 september jarig zeiden ze hier’. Dat je die dag bezoek hebt gehad van meerdere mensen kan je je niet herinneren, je rept er met geen woord over. De man op de foto op de taart die je die dag kreeg, had je ook niet herkend, hoewel dit toch al 81 jaar een vertrouwd gezicht in de spiegel moet zijn.

Op het tafeltje voor je staan bloemen en ik zeg dat ik ze mooi vind en benoem de kleuren. Jij vindt ze ‘prachtig’ en zegt dat je geen idee hebt hoe je aan ze komt. Ik vraag hoe oud je bent geworden en ik zie je denken. ‘Ik ben geboren in 1939 en heb 61 jaar geleefd in de vorige eeuw. Plus wat het nu hier is.’ Je loopt naar de klok, deze geeft aan dat het 15 uur is. ‘Drie uur. Dat is dus 61 plus 3.’ Ik zeg dat het nu 2020 is en dat je dus 61 plus 20 jaar oud bent. ‘Ben ik dan 81? Nee, dat klopt niet hoor. Zo voel ik me helemaal niet en daar handel ik ook niet naar. En als je 81 bent kun je dit ook niet meer.’ Je neuriet een riedeltje die je altijd op de piano speelt. Je lacht.

‘Nee hoor, ik ben 61 plus wat het hier is. Maar ja, die dingen veranderen ook altijd dus ik weet het ook niet meer.’ Je wijst naar ‘die dingen’. De klok op de piano en naar de kalender die je, zo lang ik me kan herinneren, elke ochtend handmatig verzet. Nooit sloeg je een dag over. Nu staat ‘ie op donderdag 3 september. Het is zaterdag 5 september. Wat maakt het ook uit. 61 of 81, wat maakt het ook uit. Tot snel lieve pap.

‘It’s me, papa
Can’t you see?
Please wake up
and recognize me.
I search your eyes
So empty and blue
Hoping for a flicker
Of what used to be you.’

Lees ook: Bloemen voor papa