Vaderdag

Het is vaderdag. Je had pap zeker weten een kaart gestuurd, een bezoekje gebracht of je had gebeld. Maar weet je, hij had niet geweten wie je bent. Zo’n drie weken geleden was ik bij hem.

“Hoi pap!”, zei ik bij binnenkomst. Hij keek me bedenkelijk aan en ik zei maar snel dat ik z’n dochter was. “Maar ik heb helemaal geen kinderen”, zei hij vertwijfeld. Ik vertelde dat ik dezelfde achternaam had en ik dus zijn dochter was. “Oh, dus dan ben je een dochter van mijn vader?”. “Nee pap, ik ben jouw dochter”. Hij schreef mijn naam in een boekje, samen met mijn leeftijd, dat ik zijn dochter was en dat ik met een zwarte auto was gekomen. Hij zal nu niet meer weten wie ik was, ook niet als hij het terugleest in zijn boekje.

En hoewel het intens verdrietig is hem zo te zien, was het een bijzonder en mooi moment. Het was aandoenlijk hoe hij opschreef wie ik was. Zorgvuldig in zijn boekje. Een waardevol stukje papier dat ik wil inlijsten. Ik mis hem zo. Ik mis zijn verhalen, zijn passie om alsmaar meer te leren, zijn liefde voor alles wat groeit en bloeit in de tuin. Zijn levenslust. Zijn zijn. Het liefst ben ik elke dag even bij hem. Ook al moet ik dan elke keer hetzelfde verhaal horen.

There is one thing Alzheimer’s can’t take away, and that is love. Love isn’t a memory, it’s a feeling that resides in your heart and soul.

Je had het ook zó moeilijk gevonden. Je had een bijzondere band met pap. Ik wil jullie terug. Slaap lekker lief zusje.