Schild om me heen

( geschereven op 1 juli 2022) Ik voel me goed en sterk terwijl het met jou steeds minder goed gaat. In de auto zing ik mee met alle nummers op de radio, verwonder me over de mooie wolken en het groen van het gras en de bomen. Mooi hè, de donker groene blaadjes aan de bomen die veranderen in een soort silver groene kleur als ze waaien in de wind?!

Ik herken dit gevoel van Eva’s afscheidsdienst. Toen deed ik er ook alles aan om me ‘groot’ te houden. Alsof er op een knop is gedrukt waardoor er een soort schild om me heen zit. Een schild dat alle emoties tegenhoudt naar buiten te treden en zoveel mogelijk prikkels zoekt om maar niet te hoeven nadenken bij wat er aan de hand is. Het is mijn overlevingmechanisme denk ik.

Of denk ik diep van binnen dat ik me niet zo mag voelen? Er zijn ergere dingen toch? ‘Het lijkt alsof je pas laat zien wat je voelt als anderen je gevoel bevestigen, alsof het dan pas goed is dat je verdrietig bent’, zei mijn psycholoog. Daar zit een kern van waarheid in denk ik.

In werkelijkheid denk ik elke minuut aan je. En hoor ik je weer spelen op de piano, zie ik je lopen in je gele zwembroek op het strand en zwoegen in een bezweet ’t shirt in de tuin. Ik wil dat je eeuwig bij ons blijft. Ik weet dat dat niet kan en op deze manier is er ook niet veel aan. Ik hoop dat je diep van binnen weet en voelt dat ik je dochter ben en aan je denk. Dag lieve pap.

Lees ook: Misschien weet ze de weg niet

Vergeef me

(Geschreven op 2 juli 2022) Sinds je niet meer thuis woont maar in een verzorgtehuis, dacht ik vaak aan jouw afscheid. Soms vaker dan de andere keer maar het speelde altijd in mijn achterhoofd. Ik heb meerdere bewoners van jouw afdeling zien komen en vervolgens weer zien gaan. Ook mensen die na jouw binnen kwamen, waren er bij mijn volgende bezoek soms niet meer.

Vooral als het minder goed met je ging, soms was er zo’n periode, spookte de gedachte de hele dag door mijn hoofd. Hoe zou je eruit zien in je kist? Zou je een blouse dragen of toch een trui? Wie zouden er naar je afscheid komen? Wat zouden we op je kaart zetten en welke foto hoort daar dan bij? Welke muziek zouden we draaien? Wilde of zou ik iets kunnen zeggen? Op welk moment zou ik hèt belletje krijgen, waar zou ik dan zijn en wat zou ik doen?

Zomaar wat gedachten ’s ochtends onder de douche. Nou ja, niet zomaar wat gedachten merkte ik aan mijn hoge ademhaling, zenuwen, brandende ogen en trillende handen.

Op een dag dat ik me goed voelde dacht ik dat ik het aankon om muziek uit te kiezen voor jouw afscheid. Ik zat in de auto en zette mijn Spotify lijst ‘Papa’ aan. Na nog geen tien seconden stroomde de tranen over mijn wangen. Snel zette ik de radio weer aan en droogde mijn tranen. Als het zover zou zijn, zou het heus wel goed komen.

Vaak schreef ik in gedachten mijn gevoelens op maar iets posten over jouw afscheid terwijl je er nog was, voelde oneerlijk en niet goed. Je was er immers nog, en misschien nog wel jaren!

Lieve pap, vergeef me dat ik met je dood bezig was voordat je ging. Ik mis je.

Lees ook: In het Duits

Een slopende dag

De dag na je crematie ben ik kapot. Zo emotioneel moe van de afgelopen periode. Van afgelopen week. Een week waarin ik in een soort andere wereld leefde. Er moesten dingen geregeld worden. Hoe zou het afscheid eruit zien? Foto’s verzamelen, video’s bij elkaar zoeken, wie zou wat zeggen en meer van die praktische zaken.

Het was alsof ik buiten mezelf was getreden en ‘gewoon’ maar alles deed. Verdriet voelde ik niet echt. En bovendien was het goed zo. Je was ingeslapen en een lijdensweg was je bespaard gebleven.

Pas op je crematie kwam het besef dat het allemaal om jou ging. Om mijn vader. Een vader die ik al een tijdje geleden kwijt was geraakt maar nu ook definitief uit ons leven verdwenen was.

De volgende dag was slopend. Alsof ik de dagen (maanden eigenlijk al) ervoor een berg beklommen had met de gedachte “dit kan ik heus wel!” om vervolgens in een ravijn te storten. De klim was iets zwaarder geweest dan ik had gedacht. Het had meer energie gekost dan ik misschien wilde toegeven.

Ook de ontvangen liefde raakte me. Zoveel lieve appjes, berichtjes, kaartjes en andere vorm van liefde. Zoveel. Het voelde overweldigend en ik wist niet zo goed wat ik ermee aan moest. Zoveel liefde voor mijn vader, voor mij. Totaal overprikkeld was ik door alles wat er was gebeurd en op me af kwam.

Lezen lukte niet, de woorden dansten door elkaar over het papier. Ik wilde een aantal batterijen tellen en pas na drie keer goed concentreren zag ik dat het er zes waren. Ze lagen gewoon in mijn hand. Ik stond op van de bank maar had geen idee meer waarom.

Ik verlang naar rust. Dit heeft tijd nodig en ik weet zeker dat ik dit weer ga vinden. Want hoewel ik je vreselijk ga missen, weet ik dat het beter is zo. Dag lieve pap.

Lees ook: Het leven gaat door

Applaus op je eigen crematie

Het was een mooi en fijn afscheid op donderdag 21 juli. Je lag tussen de bloemen uit je eigen tuin, deze hadden we vlak daarvoor geplukt en op je kist ‘gestrooid’. Foto’s van jouw leven werden getoond. Beelden van jou als vader, familie man, bergbeklimmer, arts en uiteraard van jou tussen de boeken en achter de piano. Op de achtergrond klonk zachtjes pianomuziek, net als dat thuis altijd aanstond.

Aan het begin van de dienst werden twee stukjes voorgelezen die ik geschreven had over jou en de piano. Daarna werd een video getoond met een compilatie van jou achter de toetsen. Het was zo mooi om je te horen en zien spelen. Je kreeg zelfs applaus van alle lieve aanwezigen in de zaal. Wát bijzonder, applaus op je eigen crematie. Een cadeautje voor ons, voor jou. De kracht van muziek.

En hoewel je al drie jaar ‘weg’ was door de dementie was je er nog wel altijd. Ik had nog een vader. Nu niet meer. Dag pap, bedankt voor alles.

Lees ook: Daar ga je

Dag pap, bedankt voor alles

Daar was ‘ie, het telefoontje waar ik al weken bang voor was. Mijn dagen begonnen al tijden lang vol zenuwen, snelle ademhaling en brandende ogen. Zo’n gevoel wat je ook hebt wanneer je echt teveel koffie hebt gehad, een mega spannend sollicitatiegesprek hebt of een nacht niet geslapen hebt.

Elke dag vroeg ik me af wat de dag zou brengen. Mijn telefoon legde ik soms bewust bij me uit de buurt, anders zou ik er naar blijven staren. Maar wel zo dichtbij dat ik ‘m zou kunnen horen. Wat zou ik denken als het zover zou zijn? Wanneer zou ik gebeld worden?

Ik schreef er niet eerder over omdat dat niet goed voelde. Niet tegenover mezelf en niet tegenover jou. Ik wilde niet op de zaken vooruit lopen. Niemand had een glazen bol. Je was er nog. Maar ik was elke dag in gedachten bezig met jouw overlijden.

Het ging de laatste drie weken steeds minder goed met je. Vallen, moeilijk lopen, steeds vaker incontinent, wegvallende ademhaling, onrustig, niet of nauwelijks eten en drinken, pijn. De zorgen groeiden. Ondanks dit alles bleef je dankbaar voor alle hulp die je kreeg.

Ineens was het dan toch zover. Geen telefoontje maar een appje in de vroege ochtend van zondag 17 juli 2022. Je was die nacht rustig ingeslapen. Twee dagen ervoor zijn we nog bij je geweest. Die ochtend was je erg onrustig, had je veel pijn en greep je soms naar je borst.

Toen wij er waren, aan het einde van de middag, had je morfine en slaapmedicatie gehad en lag je heel rustig te slapen. Je had geen pijn meer en kreeg niets meer mee van alles om je heen. Je ademhaling was soms heel diep en dan weer even weg. De zogenaamde cheyne stokes ademhaling, die van de laatste levensfase. Dit heb ik moeten Googlen toen ik het in je rapportage las.

Ik had bloemen voor je meegenomen, zoals ik vaker deed. Je knuffel kat en hond, waar je zoveel plezier van had gehad, stonden aan je voeteneinde. Een lieve medewerker zat naast je bed toen we aankwamen. Je was de hele dag niet alleen geweest. Er werd goed op je gelet. Ik wilde bij je blijven, voor altijd.

Die volgende ochtend checkte ik mijn telefoon bijna voordat ik m’n ogen had open gedaan. Geen nieuws. De dag bestond uit afleiding zoeken, afwachten en appen met mam. We zijn ’s avond nog naar het strand gegaan, een plek waar ik het liefste ben. In gedachten heb ik een paar keer tegen je gezegd dat het goed was. Dat je mocht gaan. Intussen zakte de zon achter de horizon in zee.

Daarna met een onbestemd gevoel in bed gestapt, niet wetende wat de nacht zou brengen. Om 2 uur die nacht heb je het leven losgelaten.

Het was alsof er een last van mijn schouders viel toen ik het beruchte appje de volgende ochtend las. Je hoefde niet meer te lijden en ik heb gezien hoe vredig je lag te slapen. Je was verdwaald in je eigen hoofd, niemand wist waar je was en wat er allemaal in je omging.

Ik was je al drie jaar kwijt, maar nu ben je echt weg. En hoewel het altijd verdrietig blijft om iemand voor altijd kwijt te zijn, is het goed zo. Wie weet kom je Eva tegen. Geef je haar een knuffel van me? Dag pap, bedankt voor alles.

(Geschreven op 17 juli 2022)

Lees ook: Het laatste stukje

Ballonnen en gebakjes

Gister was mijn verjaardag en werd ik 42 jaar.
D en N hadden beneden versierd met slingers, ballonnen en zelfs een mooie opblaasvlinder. Ik werd enorm verwend met cadeautjes, een lieve kaart en een enorme bos bloemen. Ze deden zelfs de boodschappen voor die middag. Ik voelde me helemaal jarig.

Ook via de post kwam er een bos bloemen, kaartjes en een pakketje. Een paar dagen eerder had ik al een bijzonder cadeau ontvangen van een lieve vriendin. Mijn telefoon stond vol berichtjes. Zoveel liefde. Ik waardeer het enorm dat mensen aan me denken en soms is dat gevoel zo overweldigend. Zo warm. Dan weet ik niet zo goed wat ik ermee aan moet. Soms vraag ik me gewoon af waaraan ik dit allemaal verdien.

Samen met mam, haar vriend en onze broer hebben we gevaren door de wateren in onze nieuwe woonplaats. Onderweg aten we een meegebracht gebakje. De vogels zongen, het fluisterbootje gleed zachtjes door het gladde wateroppervlak en onze gasten genoten van de mooie rustige omgeving met veel groen.

Daarna gingen we eten aan het strand. Daar moest ik natuurlijk even geweest zijn op mijn verjaardag. Het eten was lekker, de zon scheen en iedereen kreeg gelijk een vakantiegevoel. Daar deed ik het voor.

Op zo’n dag als gister is het gemis van jou en pap net een beetje erger. Een verjaardag vier je met familie, dat deed ik tenminste wel altijd. De foto van onze broer, mam en mij die gister is gemaakt vond ik confronterend om te zien. Het is een mooi waardevol plaatje en ik ga deze zeker laten afdrukken om in een lijstje te doen. Maar er missen twee mensen.

Ondanks het grote gemis wat ik voelde, was het een mooie dag en een perfecte fijne verjaardag. Ik ben enorm dankbaar voor D en N die deze dag bij de start ervan al bijzonder hebben gemaakt. Ik ben dankbaar dat ik een jaar ouder mocht worden, voor alle lieve mensen en voor alle liefde die ik mocht ontvangen.

In m’n hart waren jij en pap er de hele dag bij. Slaap lekker lief zusje.

Lees ook: 35+4

Ik kijk niet

Vanavond is het programma ‘Herinneringen voor het leven – stop dementie’ op tv. Een programma waaraan ik de afgelopen jaren meewerkte als online redacteur. ‘Weet je zeker dat je dat aankan?’, werd me vorig jaar gevraagd. Ja, dat wist ik zeker. Het was zwaar om alle verhalen te zien en horen maar het was ook fijn om voor mijn werk met het onderwerp dementie bezig te zijn.

Op social media zie ik de laatste dagen posts van het programma voorbij komen. Eigenlijk zou ik die knippen, ondertitelen en online zetten. Dit jaar niet. En ergens vind ik dat ontzettend jammer maar aan de andere kant weet ik niet of ik het nu had aan gekund.

Want het gaat niet goed met je. Je eet en drinkt slecht en bij dat kleine beetje wat je eet, heb je hulp nodig. Je kan amper nog zelfstandig lopen en je slaapt veel.

In mijn gedachten ben ik de hele dag bij je. En bij alle mensen die te maken hebben met dementie. Ik sluit mijn ogen er niet voor, maar ik kijk vanavond niet. De social media posts kan ik al niet zien zonder hard te huilen, ik scroll snel verder. Maar in mijn hoofd blijven de verhalen dwalen. Ik mis je pap.

Meer informatie over Herinneringen voor het leven – stop dementie

Lees ook: Boos op de situatie

Op een berg in Oostenrijk

Lieve pap, wat gebeurt er allemaal? De laatste tijd ben je vaker in de war, onrustig en uit je doen. Al een tijdje geeft dit me een onbehagelijk gevoel. Ik druk het weg, tegen beter weten in.

Laatst werd je gevonden op de grond. Je kamer was een zooi las ik in de rapportage. Maar wat er precies gebeurd was, was niet duidelijk. Je werd geholpen bij het douchen en aankleden, daarna zakte je voorover. Daarna was je wel goed aanspreekbaar en je gaf aan geen pijn te hebben.

Een paar dagen later vonden ze je midden in de nacht op de grond. ‘Ik lig op een berg in Oostenrijk’, zei je lachend. Lag je maar op een berg in de natuur, in je tentje zoals je vroeger deed tijdens wandelvakanties. In plaats daarvan lag je op de koude vloer van je kamer in een verzorgtehuis. Wat gaan je hersenen met je aan de haal. Alles loopt door elkaar, verbindingen kloppen niet meer, niemand weet waar je bent.

Je slaapt veel, moet ondersteunt worden bij het lopen en je bent erg emotioneel. Ik huil met je mee. Ik denk aan je pap, elke dag.

Lees ook: wat maakt het ook uit

Ongegronde angsten

‘Morgenochtend ga ik naar het strand fietsen’, zei ik tegen mezelf voordat ik ging slapen. Iets wat ik eigenlijk beter niet kan doen, een planning maken voor de volgende dag. Ik weet immers niet hoe m’n pet staat of met welk been ik het bed uitstap de volgende ochtend. Mocht m’n plan om een of andere reden niet lukken, voelt dat als falen en voelt de dag ‘verloren’.

Die ochtend vond ik het echter nog steeds een goed plan. M’n spullen stonden klaar, de fiets stond al buiten en de route stond op een papiertje in m’n broekzak. Ik moest nog even wachten op de bestelde Hello Fresh box en dan zou ik gaan.

Om de tijd te doden scrolde ik door de apps op mijn telefoon. Een slecht idee want negen van de tien keer is dat niet iets waar ik blij van word. Ik las de headlines van het nieuws in binnen- en buitenland. Het enige positieve bericht ging over de supermaan aangevuld met mooie foto’s. De rest zal ik niet eens noemen want het was een en al ellende.

Via social media zag ik foto’s van gezonde ontbijtjes, sportievelingen die al om 6 uur buiten waren en gedouched en al klaar waren voor een nieuwe werkdag, de mooiste outfits en meer ‘mijn leven is perfect’ beelden. ‘Fijn voor ze’, dacht ik op een niet positieve manier.

Op een ander platform kwam ik ook geen opbeurende dingen tegen. Ik las een artikel over een man die zijn vrouw en zoontje verloor bij de bevalling. Verschrikkelijk… Daarna stuitte ik op een video van een bn’er die een ongeluk had gehad. Een naar gevoel bekroop me. Hij lag gehavend in het ziekenhuis en besefte weer even hoe kwetsbaar het leven is. Hij had gelijk.

De angst nam de overhand. Waar was N?! Oh ja, veilig op school. En D was gelukkig goed op z’n werk aangekomen. Maar wat als ik zou vallen met mijn fiets, precies met m’n hoofd op het harde asfalt?! Wat als een automobilist me over het hoofd zou zien bij een rotonde?! Wat als er een kwaadwillig persoon op het fietspad zou springen en me zou meesleuren de bosjes in?! Wat als m’n fietstassen tussen de spaken zouden komen en ik over de kop zou slaan?! Misschien kon ik toch beter thuisblijven. Dit soort angsten zijn me niet onbekend, ik heb ze dagelijks. Een donkere wolk pakte zich samen boven mijn hoofd.

Toen dacht ik aan een hoofdstuk in het boek ‘Eenvoudiger leven in onrustige tijden’ van Mark Verhees (aanrader!). Toevallig had ik dat net gelezen en dus zat het nog vers in mijn geheugen. ‘Zodra ik me zorgen maak, neem ik een mentale pauze. Ik onderbreek mijn gedachten. Ik benoem expliciet over welke tijdsperiode ik nadacht.’ En ‘Als ik me zorgen maak over de toekomst, denk ik na over hoe zeker ik weet wat er gaat gebeuren. Ik kan de toekomst niet voorspellen. Ik heb geen glazen bol.’

De deurbel haalde me uit de digitale wereld. Terwijl ik de bestelde maaltijden in de koelkast zette, besloot ik tóch naar het strand te gaan. Ik kan toch niet m’n verder leven op de bank blijven zitten?! Ik schakelde mijn activiteit ‘fietsen’ in op mijn sporthorloge en ging op avontuur.

Onderweg keek ik m’n ogen uit. Zoveel natuur, water, groen begroeide gebieden, prachtige huizen en huisjes. Het leek wel of ik op vakantie was. Het was een hele mooie route, er stond niet veel wind en de temperatuur was precies goed. Lang leve fietspunten want daardoor was de route makkelijk te volgen. Weer een zorg minder.

En toen was daar de zee. Mijn ultieme plek van vrijheid. Het geluid van de golven, de wind in je gezicht en het zand onder je voeten. Bij een strandtent bestelde ik een koffie en een smoothie. Ik genoot bewust van dit moment. Zó fijn, ik kan het nog.

Eigenlijk wilde ik niet terug naar huis maar de fietstocht was ook geen straf. En dus sprong ik na twee uur weer op de fiets naar huis. Zonder angst maar met een ontspannen gevoel. Ik had mezelf vandaag de figuurlijke schop onder m’n kont kunnen geven. Het was een fijne ochtend. Mijn angsten waren, zoals bijna altijd, ongegrond. Slaap lekker lief zusje.

Lees ook: offline

Acceptatie

‘Volgens mij heb je geaccepteerd dat je even niet functioneert zoals je zou willen, je bent rustiger’, zei D tegen me. En dat voel ik inderdaad ook.

Ruim twee maanden ben ik nu thuis en werk ik niet. Ik voelde me enorm schuldig, checkte nog regelmatig mijn mail en bekeek de website van mijn werk om te zien wat er allemaal speelde. Loslaten vond ik heel moeilijk. Maar ik wist ook dat ik even niet anders kon.

Ik belandde in een nog dieper dal dan ik al zat. Kon dat überhaupt? ‘Er komt een dag dat je dingen weer doet zonder dat ze heel zwaar voelen’, zei een collega van me die ook een tijdje thuis had gezeten. ‘Het komt goed’, zei de huisarts. Ik kon het me niet voorstellen. Er was bar weinig wat ik nog leuk vond, mensen om me heen kon ik amper verdragen, ik zag alleen negatieve punten en stond ’s ochtends op omdat dat van me verwacht werd. Ik was onrustig, wilde alles tegelijk doen en was het liefst alleen. Lichtpuntjes? Voor mij was alles donker.

Ik vraag me nu af hóe ik de laatste jaren heb kunnen functioneren. Op de automatische piloot denk ik. Alsof het altijd regende en de ramen al jaren niet gewassen waren. Daar wen je ook wel weer aan blijkbaar. Maar nu, ruim twee maanden later, durf ik weer te geloven dat het goed gaat komen. Stiekem zie ik hier en daar weer wat lichtpuntjes.

Nog steeds heb ik moeite met concentreren als ik een boek lees of tv kijk. Nog steeds kan ik wakker liggen van een afspraak, sociale aangelegenheden vind ik nog steeds lastig, nog steeds gieren soms de zenuwen zonder verklaarbare redenen door m’n lijf. Nog steeds kan mijn batterij ineens leeg zijn, nog steeds is een drukke supermarkt overweldigend en nog steeds kan ik bang zijn voor vanalles.

Ik moet mijn grenzen goed bewaken. Het voelt alsof ik op een koord dans en er alles aan moet doen om niet te vallen. Maar dat gaat me steeds iets beter af en ik geloof dat ik op een dag de overkant bereik. Desnoods met vallen, maar ik leer om dan ook weer op te staan en door te lopen.

Ik zie de zon vaker schijnen en de ramen worden stukje voor stukje gewassen. Ik leer elke dag en voorzichtig geloof ik weer dat ik er kan komen. Op de plek waar vaker de zon schijnt dan dat het bewolkt is, dat ik een paraplu kan pakken in plaats van zieknat te worden en een schuilplek kan vinden in een storm. Slaap lekker lief zusje.

‘Je kan de golven niet stoppen, maar je kan wel leren surfen.’

Lees ook: In mijn eigen bubbel

Op het puntje van de bank

Terwijl je kleindochter achter de piano zit en wat liedjes probeert, zie ik je bedenkelijk kijken. Je schudt je hoofd en kijkt me aan met een blik van: ‘dat klinkt nergens naar.’

Ik zie dat je heel graag zelf achter de piano wil zitten om te laten zien hoe het moet. Maar je blijft zitten en laat haar spelen. Intussen schudt je nog een paar keer met je hoofd. Dan verplaats je naar het puntje van de bank, je vingers jeuken om de toetsen over te nemen. Maar beleefd zoals je bent, zeg je niets.

Als het te lang duurt sta je dan toch op en loop je langzaam richting piano. ‘Ik geloof dat opa ook even wil spelen’, zeg ik. Ze staat op en jij gaat zitten. En daar gaan je vingers weer over de toetsen en klinken de bekende klanken. Je linker hand werkt al een tijdje niet mee maar dat lijk je je niet te realiseren.

Even vergeet ik dat een groot deel van je hersenen niet meer werkt zoals het hoort, maar dit kleine deel van je hersenen werkt nog uitstekend. De kracht van muziek. Tot snel lieve pap.

Lees ook: Het laatste stukje

Fotopagina

Error

Ik moet of in de ochtend sporten, of in de avond. Een ander tijdstip ‘klopt’ in mijn hoofd niet. Sporten in de middag? Uitgesloten. Waarom? Geen idee. Met werk is dat natuurlijk sowieso geen optie. Maar nu ik even niet werk en de huisarts me adviseerde ‘niets te moeten, alleen te willen’ probeer ik naar mijn gevoel te luisteren.

Gisteravond besloot ik dat ik vanochtend zou gaan sporten. Een lesje op de sportschool. Maar toen ik opstond had ik daar helemaal geen zin in. Ik ging niet. Intussen bedacht ik dat ik dan in de avond zou gaan. Maar naar mate de dag vorderde had ik al 100 excuses bedacht om ook niet in de avond te gaan. ‘Morgen een nieuwe kans.’ Zo gaat dat vaker.

Maar ineens, om 16uur, had ik zin (?) om een rondje te harlopen/wandelen. In mijn hoofd ontstond een soort error. Sporten midden op de dag?! Maar ik besloot, met de woorden van m’n huisarts in m’n achterhoofd, toch te gaan. En dat was natuurlijk het beste idee van de dag. Slaap lekker lief zusje.

Lees ook: vinkjes

Een open wond


Jouw ziekte voelt als een open wond. Soms groeit het een beetje dicht maar zodra ik je zie, aan je denk of iets over je hoor gaat de wond weer open. Eigenlijk is het al drie jaar steeds weer een beetje meer afscheid nemen van jou. Tijd om te helen heeft de wond daardoor niet.

Ik zoek nog altijd naar een pleister die de pijn kan verzachten. Want hoe ga je met zoiets om? Het loslaten van iemand die er nog is? Ik wil je niet loslaten maar je bent al weg. Ik zie je maar herken je nauwelijks meer.

Ik kan alleen maar lijdzaam toezien hoe jij steeds verder verdwaald. Gelukkig ben jij nog altijd tevreden. De wond zal nooit genezen maar stiekem zal ik blij zijn als het een litteken wordt. Tot snel lieve pap.

Lees ook: Elke dag koffie

Stilstaan

Het overlijden van jou en alles wat daaraan vooraf ging. Het wachten op de IC in het ziekenhuis, een hoopvolle nacht maar dan tot dat ene appje van mam. Je na twee jaar weer zien. In je kist. Een kaart ontwerpen, een lint uitzoeken. Het afscheid zonder pap maar met een andere man aan mams zijde. Het plaatsen van de deksel op je kist. Het in een sneltreinvaart leeghalen van je appartement. De sleutel in de brievenbus gooien voor de huisbaas. Je fiets zoeken om mee te nemen, hij moest daar ergens staan. En nog zoveel meer momenten waarvan ze nu lijken alsof ik ze niet bewust heb meegemaakt.

Gewoon maar doorgaan
Ook als ik even stil had moeten staan
Simpelweg omdat ik niet anders weet
En zo even m’n zorgen vergeet
Of doe ik maar alsof ze er niet zijn?
Masker op, ook al doet het van binnen pijn.

Nog geen half jaar later. Pap, de man die altijd alles wist en die voor zijn beroep mensen beter maakte. Diezelfde man die ineens mijn naam niet meer wist. Mam verhuizen naar haar eigen plekje. De laatste wandeling met pap om hem af te leiden terwijl zijn spullen uit huis werden gehaald, wat voelde ik me schuldig. Het meelokken van pap zijn eigen huis uit. Het moment waarop hij nieuwe woning binnenliep en zijn eigen spullen niet herkende. De verwarring bij hem, de onrust, de angst die daarop volgde. De afstand was nog nooit zo groot. Ons oude huis in de verkoop en alle emoties die daarbij kwamen. Wie zou er gaan wonen? Zou het erg veranderen? Oh toch niet in de verkoop, dus ik zou er nog blijven komen. Maar pap is daar niet meer en jullie sporen worden langzaam gewist.

M’n hoofd werd voller, m’n tranen bleven komen
M’n toekomst was me deels afgenomen
De bubbel van ‘een gelukkig leven’ was geknapt
Zomaar ineens van me afgepakt
Ik kon steeds moeilijker gewoon maar doorgaan
Maar het lukte niet om tóch even stil te staan.

En toen onze verhuizing van de stad naar een dorp. Van een stevig appartement naar een oud huis. Van een huurwoning naar een eigen plek. We moesten dingen uitzoeken en regelen. Een enorme lekkage. Elk weekend op en neer om te verbouwen. We kregen meer rust en natuur om ons heen en zelfs een eigen oprit en tuin. Allemaal heel fijn en ik ben dankbaar dat dat allemaal gelukt is. Maar even omschakelen was het wel.

‘Je hebt nogal wat meegemaakt’
Een zin die me plotseling raakt
Want ook al had ik zorgen, angst en verdriet
Zo erg is het nou toch ook weer niet?
Muurtje om me heen en gewoon maar doorgaan
Ook toen ik allang even stil had moeten staan
.

In tussentijd brak er een pandemie uit. Alle corona perikelen, de verdeeldheid, de onrust, de onzekerheid en alle andere ellende in de wereld gingen me niet in de koude kleren zitten. Ik ben gevoelig en ik trek het me aan. Ik kan me er moeilijk voor afsluiten al probeer ik dat steeds meer. Ik probeer mezelf nu te zien als piepklein puntje op de aarde. En dat piepkleine puntje moet zich focussen op haar eigen omgeving. De rest is te groot voor dat piepkleine puntje. De wereld draait toch wel door. Hier en nu, dat is wat telt. Makkelijker gezegd dan gedaan maar ik doe mijn best.

Zo zijn er nog een aantal gebeurtenissen
En ook echt wel dingen die ik niet had willen missen
Alles bij elkaar bleek toch een beetje veel
En rust nemen blijkt nu essentieel
Want niemand kan altijd maar doorgaan
Zonder af en toe even stil te staan.

‘Zo kun je niet door, sta nu even stil
Ook al is dat iets wat je liever niet wil
Want je bent veel te lang gewoon maar doorgegaan
En nu zet je jezelf even bovenaan.

Slaap lekker lief zusje

Lees ook: Een dag zonder zorgen

Boem

Ik hou van m’n werk. Nog nooit ben ik een dag met tegenzin gaan werken. En dat terwijl ik dit werk toch al heel wat jaar doe. Elke dag vind ik het nog steeds leuk om te doen. Ook in moeilijke tijden was m’n werk altijd een goede afleiding.

Ik heb een groot verantwoordelijkheidsgevoel en wil altijd iedereen helpen. Ik voel me betrokken en ben gedreven. Sterke punten die nu m’n valkuil zijn geworden.

We zijn een fijn hecht team maar ineens ging het mis. Er vielen mensen uit, er gingen mensen weg, er waren nieuwe gezichten en we waren met z’n allen de weg een beetje kwijt. Toen er weer iemand uitviel en er weer taken verdeeld moesten worden, brak ik. De stabiele factor van m’n werk was ineens niet meer zo stabiel.

De energie die ik altijd kreeg van m’n werk bleef uit, ik kon me niet meer concentreren. Zocht items in verkeerde mappen, moest drie keer een video bekijken voordat ik wist wat ik nou gezien had en bladerde door de verkeerde mappen om iets op te slaan. Waar ik altijd gestructureerd en georganiseerd te werk ging, liep nu alles door elkaar. En steeds vaker opende ik m’n laptop met tranen in m’n ogen. Dit kon zo niet langer.

En dus moet ik, met pijn in m’n hart, een stap terug zetten. Een grote moeilijke stap terug om straks weer op volle kracht vooruit te kunnen. De komende tijd staat in het teken van niets moeten. Focussen op dingen die me energie geven, het niet erg vinden als ik niets doe omdat dat op dat moment zo voelt en zorgen voor mezelf.

Ik ben iemand die nog doorloopt met een gebroken been en ik kan moeilijk accepteren dat ik me zo voel. Maar dit uitspreken en deze stap zetten is denk ik al een goed begin. Ik wéét dat ik zoveel heb om dankbaar voor te zijn, ik vóel het alleen niet. Ik wil het leven weer vóelen. En daar ga ik aan werken. Slaap lekker lief zusje.

Lees ook: Het leven vieren

Teveel spanning

De uitslag weten voordat de wedstrijd begonnen is, weten wie nog bij elkaar is voordat je aan een realityshow over daten begint en voor de eerste aflevering op tv is, willen weten wie toch de Mol is. De laatste bladzijde van een boek lezen voordat je aan de eerste begint en de cliffhanger van een spannende serie of film weten voordat je eraan begint. Kortom, de uitkomst al weten voordat iets begonnen is. Niet uit nieuwsgierigheid maar omdat de spanning gewoon teveel is en je het kijken of lezen daardoor als minder leuk ervaart. Of gewoon ronduit vervelend.

Als je dit vertelt verklaren veel mensen je vaak voor gek. ‘Dan is er toch niets meer aan?!’. Voor mij dus wel. Ik geniet veel meer van de weg naar het einde toe. Ik heb meer aandacht voor alles wat er gebeurt onderweg en bovendien scheelt het me heel wat ongename gierende zenuwen door mijn hele lichaam. En nagels.

Lang dacht ik dat ik de enige was en omdat zoiets niet ‘hoort’ deed ik maar wat iedereen doet. Ik weet heus dat meer mensen dit hebben en ik echt niet de enige ben, alleen die spreken zich blijkbaar niet graag uit. En dat snap ik want mensen verklaren je voor gek of nemen je niet serieus.

Vorige week las ik een column van iemand die precies schreef zoals ik het ook ervaar. Het was oprecht een opluchting. ‘Ha, ik ben dus niet raar!’. En dat is iets waar ik steeds vaker achterkom. Iedereen is anders, iedereen is uniek. En iedereen heeft zijn of haar ‘eigenaardigheden’. Zoals er jàren geleden door de organisatie ingestampt werd toen ik voor een jaar High School naar California vertrok: ‘Het is niet goed, het is niet fout, het is gewoon anders’.

Dus laatst keek ik een serie op mijn manier, ik zocht op internet wie van de koppels nog bij elkaar waren. En toen ik dat uitgeplozen had kon ik met een gerust hart aan de realityshow beginnen. Met een ontspannen gevoel en aandacht voor alles wat er gebeurde. Heerlijk. Slaap lekker lief zusje.

Lees ook: Ik geloof het gewoon

Liefde voor het strand

De wind aait langs mijn gezicht, de zon verwarmt mijn wangen. Er vliegt een vrolijk schreeuwende meeuw over die iets verderop in de rustige zee neerstrijkt. Aan de rand van het water staan vier scholeksters te wachten tot hun moeder ze iets lekkers brengt. Zij wroet wild met haar oranje snavel in het natte zand op zoek naar voedsel. Achter haar kabbelen de golfjes van de zee. Ze maken een kalmerend geluid.

De grote vlakte met zand strekt zich voor me uit. Hier en daar loopt een baasje met een hond. Het dier vrolijk rennend over het strand, kop in de wind en snuffelend aan alles wat op zijn pad komt. Ik geniet van het eindeloze uitzicht over de enorme zee en probeer het leven te snappen. Hier moet ik even niets en ik loop tot ik geen zin meer heb.

De structuur van het zand is om de paar meter anders. Ik zie sporen van voetstappen, van de zandschuiver die in de verte aan het werk is, van vogels, honden en teruggetrokken water. Ik loop langs aangespoelde schatten van de zee. Tussen de afdrukken van hondenpootjes in het zand, over vele schelpjes die in een lange rij langs de waterlijn liggen. Ze knisperen onder mijn schoenen. De wind aait langs mijn gezicht, de zon verwarmt mijn wangen. Ik hou van het strand. Slaap lekker lief zusje, tot snel lieve pap.

Klik hier voor 2 foto’s van vandaag

Lees ook: Tranen van het lachen

Jouw medische kennis

Toen ik tijdens het sporten in mijn tienerjaren last had van mijn knie, wist jij me te vertellen dat dat Osgood-Schlatter was. Jaren daarvoor had de huisarts een knobbeltje uit mijn hand gesneden en jij haalde later de hechtingen eruit, thuis op de bank. Bij het aanzien van de zwelling op mijn hand na een val op het ijs wist jij meteen, hiermee moeten we naar het ziekenhuis.

En zo kan ik nog tig voorbeelden bedenken van de keren dat ik jouw medische kennis vroeg of goed kon gebruiken. Als ik vroeger ergens last van had, wist jij me gerust te stellen. Naar de huisarts gingen we zelden.

Nog steeds wil ik jouw bellen als ik iets wil weten op medisch gebied. In een split second denk ik dan; even pap vragen! Maar dat kan niet meer. Wonderbaarlijk genoeg gebruik je nog best veel medische termen. Niet in de juiste context maar ergens in je hoofd zijn ze er nog en op compleet random momenten gebruik je ze.

De vroegere hoofdverpleegkundige, waar je veel me hebt samengewerkt, kwam een paar maanden geleden bij je op de afdeling. Er was geen blik van enige herkenning. Ook zij had dementie. Inmiddels is ze overleden. Wie had vroeger ooit kunnen bedenken dat jullie elkaar in deze situatie weer zouden tegenkomen. En dat notabene naast de plek waar jullie jarenlang vele mensen hebben geholpen als arts.

De laatste dagen ben je wat onrustig en wil je weg. Waarheen weet niemand. Je liep op de andere kant van de afdeling en zocht de weg naar naar beneden. Later wilde je naar boven om zeker te weten dat ik sliep en weer een andere keer moest je naar de auto. Gelukkig weten ze je altijd liefdevol af te leiden en zit je vervolgens weer tevreden op je bank. Tot snel lieve pap.

Lees ook: jouw mening over het virus

Boos op de situatie

Soms heb ik helemaal geen zin om naar je toe te gaan. Wel om je te zien, maar niet om naar je toe te gaan. 148 kilometer heen om diezelfde kilometers niet veel later weer terug te rijden. Je zit niet op me te wachten, je hebt geen idee wie ik ben en een gesprek met je voeren is niet te doen. Soms vind ik dat gewoon heel stom en ben ik zelfs een beetje boos op de situatie.

Vandaag was zo’n dag. Ik had geen zin om te gaan. Ik wilde thuis blijven bij m’n gezin. Even een dag niets. Maar omdat ik door de afstand niet zomaar even bij je langs kan gaan, moet ik het plannen. En omdat ik de komende twee weekenden niet kan, zou ik vandaag gaan.

Een bezoekje aan jou vind ik emotioneel beladen. Ik vind het nog altijd moeilijk om te zien hoe jij in je eigen wereld zit en van mijn bestaan niets meer weet. Maar ik ging toch, met lichte tegenzin. Het leek alsof ik een blok beton achter de auto meesleepte.

Maar als je dan zegt dat je het gezellig vind dat ik er ben, je gezellig kletst met je twee vrienden en geniet van een stukje frikadel en een glas ‘heerlijk zoet goedje’ dan ben ik alles weer vergeten. En als je met twee armen naar me staat te zwaaien van achter het raam als ik weer ga, dan weet ik weer waar ik het voor doe en is het blok beton spontaan kwijt. Ik mis je pap, tot snel.

Lees ook: platte groene bergen

Vinkjes

Ik ben ‘blij’ dat je de waanzin die momenteel speelt in het land niet meekrijgt. Mensen lijken het volkomen normaal te vinden dat andere mensen niet welkom zijn in een restaurant, bioscoop, sportclub of het theater. Alleen omdat ze geen groen vinkje willen of kunnen tonen in een app.

Beloond worden met een geldige code om deel te nemen aan iets wat altijd normaal was. We doen alles om zo’n vinkje te bemachtigen. Niet voor onze gezondheid maar zodat we op vakantie mogen, elk restaurant binnenkomen en naar het theater kunnen. Dit heeft niets meer te maken met onze gezondheid. Dit gaat over gedragsbeinvloeding en we lijken er massaal in te trappen.

Het gemak waarmee een groep mensen nu omgaat met het buitensluiten van een andere groep mensen, vind ik schokkerend. Het raakt me enorm en maakt me verdrietig. Ik hoop van harte dat íedereen snel weer welkom is, óveral.

En om af te sluiten met iets positiefs en iets waar je wel om zou kunnen lachen: vandaag vindt het NK Tegenwindfietsen plaats. En met windsnelheden van maar liefst 80 kilometer per uur, zijn de omstandigheden perfect. Slaap lekker lief zusje.

Ps. Heb je de fotopagina al ontdekt?

Lees ook: Gewoon even mee wapperen