Vandaag, een half jaar geleden reed ik nog nietsvermoedend naar m’n werk. Ik had m’n laptop net open geklapt toen onze broer belde. Ik durfde niet op te nemen, contact ging de laatste tijd over jou. Dat hij belde was geen goed teken, ik voelde het. Direct daarna stuurde hij een appje: ‘Ik ga je toch informeren. We gaan nu met z’n allen naar het ziekenhuis om afscheid te nemen, het gaat heel slecht…’

Mijn hart bonkte, ik begon te shaken en smeet al m’n spullen weer in m’n tas. Mijn collega vroeg of het wel ging. Ik wist en kon niets uitbrengen en zei dat ik haar straks zal appen. Ik moest gaan, geen twijfel moelijk. Zo snel mogelijk.

Ik haastte me naar buiten en ook de tweede collega die ik op de gang tegenkwam keek me ietwat verward aan. Ik zal ze later appen. Ik wist even niets te zeggen. Ik belde m’n vriend en vertelde wat er aan de hand was. Gelukkig wilde en kon hij mee. We snelden ons naar het ziekenhuis. Er ging vanalles door me heen. Maar vooral het ongeloof. Het kwam altijd goed met je. Dat zal nu toch ook wel weer zo zijn?

In een soort waas kwamen we aan in het ziekenhuis en omhelsde onze broer me. We waren beiden in tranen. In de familiekamer zat de rest van de familie, een paar vriendinnen en je ex. Ik weet nu niet meer hoe ik me toen staande heb weten te houden.

Jij lag een paar kamers verderop. Ik durfde niet naar je toe. Je was niet meer bij, anders had ik het misschien wel gedaan. Maar omdat ik je twee jaar niet had gezien en je er nu echt heel erg ziek bij lag, met slangen enzo, koos ik ervoor om het niet te doen. Ik kon het niet. Ik weet nog dat ik dacht dat ik je sowieso weer zou zien. Ik hoopte dat de artsen zich vergist hadden. Dit kon gewoon niet waar zijn.

We hebben de hele dag in die kamer gewacht op nieuws. Er zijn vele tranen gevallen. Herinneringen opgehaald, zorgen uitgesproken. Vriendinnen gingen om de beurt naar je toe. We hebben nog een luchtje geschept om even wat te eten. Aan het eind van de dag zei de arts dat hij je nog een paar uur zou geven, in die tijd zou je echt zelf wat stabieler moeten worden anders gaf hij je helaas geen kans.

We konden niets doen. We waren moe. En dus gingen we naar huis met een dubbel gevoel. De arts zou direct bellen als er iets zou veranderen. Wat een rare onwerkelijke dag. Zoveel emoties, zoveel gedachten, zoveel tranen, zoveel onzekerheid. Ik wist het allemaal niet meer. Nu een half jaar later, weet ik het nog steeds niet. Is dit echt allemaal gebeurd? Slaap lekker lief zusje.